Eerste Dirk Martenslezing Aalst

Het Dirk Martenscomité werd te Aalst opgericht met als doel de culturele promotie van de stad en het Land van Aalst te verzorgen.  Een eerste grote wapenfeit was ongetwijfeld de viering Dirk Martens 1473-1973, waarbij uitgebreid werd stilgestaan bij de 500ste verjaardag van het drukken van het eerste boek in onze gewesten door Aalstenaar Dirk Martens.

Hierna bleef de vereniging zeer actief, zowel door het inrichten van historische tentoonstellingen als door het organiseren van het Aalsterse luik van het Festival van Vlaanderen. Ook was het comité een gewilde partner voor de stad Aalst bij het opzetten van grootse projecten en evenementen zoals de internationale gitaarhappening, de Louis Paul Boontentoonstelling, enz…

Recent werd de vereniging nieuw leven ingeblazen, wat meteen resulteerde in een uitbreiding van de leden en enkele nieuwe initiatieven. Zo werd aan het stadsbestuur van Aalst gevraagd het ereburgerschap aan Dirk Martens te verlenen. Ook zal in 2016 volop gefocust worden op het feit dat Martens in 1516 de eerste druk van het boek ‘Utopia’ van Thomas Moore, absoluut meesterwerk van de Westerse literatuur, verzorgde. Ook de Dirk Martensprijs, sinds 1962 een zeer gewaardeerde literaire prijs, wordt opnieuw ingesteld en zal nu vooral focussen op innovatie en vernieuwing in de kunsten, zowel literatuur, muziek als beeldende kunst.

Een nieuw initiatief van het vernieuwde Dirk Martenscomité is de inrichting van de Dirk Martenslezingen.

Hierbij willen we jaarlijks een aan Dirk Martens en zijn tijd verbonden thema grondig toelichten door een absolute specialist en autoriteit over het te behandelen onderwerk. En voor 2015 lag het onderwerp zeker voor de hand. 

Tot begin dit jaar liep in het Metropolitan Museum of Art te New York immers de toonaangevende tentoonstelling ‘Grand Design: Pieter Coecke van Aelst and Renaissance Tapestry’, waarin een uitgebreid overzicht werd getoond van wandtapijten die door Pieter Coecke van Aelst ontworpen werden.

Hoewel Aalst bezwaarlijk een belangrijk centrum van tapijtweefkunst kan genoemd worden, speelden enkele ‘Aalstenaars’ toch een belangrijke rol in deze bloeiende kunsttak. Vooreerst was er Pieter Coecke van Aelst, die als uiterst veelzijdig kunstenaar (schilder, tekenaar, ontwerper van tapijten, ..) vooral belangrijk is als de invoerder van de renaissance-architectuur in onze gewesten.

Zijn bijna-naamgenoot Pieter van Aelst alias van Edingen was vooral actief als tapijthandelaar en -producent, en was in die hoedanigheid dan ook verantwoordelijk voor een reeks van de mooiste en beste wandtapijten uit de zestiende eeuw.

De spreker van vanavond is zonder meer een wereldautoriteit op het vlak van tapijtweefkunst.

Prof. Guy Delmarcel is emeritus hoogleraar in de Kunstwetenschappen aan de K.U.Leuven, waar hij vooral over sierkunsten, Vlaamse beeldhouwkunst, kunsttechnologie en museologie doceerde. Tevens was hij van 1974 tot 1990 conservator van het Westeuropees textiel aan de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis te Brussel. Zijn wetenschappelijk onderzoek en zijn publicaties zijn hoofdzakelijk gewijd aan de geschiedenis van de Vlaamse wandtapijtkunst. Op dit vlak wordt hij alom beschouwd als één van de meest erudiete specialisten. We herinneren ons misschien nog de schitterende tentoonstelling en publicatie ‘Los Honores’ uit 2000 over de wandtapijten van Keizer Karel. Hij is tevens lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten.

Hij leek ons dus de ideale specialist om het vanavond over de rol van Pieter Coecke van Aalst en Pieter Van Aelst alias van Edingen te hebben op het vlak van de tapijtweefkunst.

Afbeeldingen in bijlage:

Eerste Dirk Martenslezing Aalst